De man uit Bergharen woont op het adres waar de cocaïnewasserij is aangetroffen. Hij stelde zijn schuur voor dit doel ter beschikking. Ook hielp hij de schuur daarvoor gereed te maken. De 62-jarige verrichtte hand- en spandiensten die onder andere bestonden ui het gereedmaken van de schuur, het sjouwen van spullen en het ophalen en wegbrengen van de drugskoks.
Weliswaar hadden de mannen geen directe, actieve betrokkenheid bij de inrichting van de cocaïnewasserij en bij het bewerken/verwerken van cocaïne, maar hadden zij wel tenminste voorwaardelijk opzet daarop. Het duo aanvaardde willens en wetens de aanmerkelijke kans dat er in de schuur een cocaïnewasserij werd opgezet waar cocaïne werd bewerkt dan wel verwerkt.
Nauwe en bewuste samenwerking
Volgens de rechtbank is tussen de verschillende verdachten ook sprake geweest van een nauwe en bewuste samenwerking. Drie buitenlandse mannen waren feitelijk werkzaam in de cocaïnewasserij. De 62-jarige man verrichtte in dit verband hand- en spandiensten en de 58-jarige man stelde zijn terrein - en meer in het bijzonder zijn schuur - hiervoor ter beschikking. Daarmee was er een duidelijke onderlinge taakverdeling en leverden zij allen een dusdanige bijdrage aan de bewerking en verwerking van cocaïne, de voorbereidingshandelingen daarvan en het cocaïnebezit. Als één van de verdachten zou wegvallen - dus ook één de al eerder veroordeelde verdachten - zou dat immers gevolgen hebben voor het al dan niet slagen van het productieproces. Daarmee is volgens de rechtbank sprake van een nauwe en bewuste samenwerking en dus sprake van medeplegen.
Gevaren en risico’s
De rechtbank rekent het de mannen aan dat zij met hun handelen een bijdrage hebben geleverd aan het faciliteren en het in stand houden van een markt voor cocaïne. Het gebruik van cocaïne is schadelijk voor de volksgezondheid en werkt bij gebruikers verslaving en daarmee gepaard gaande (criminele) problematiek in de hand. De productie van verdovende middelen gaat bovendien vaak hand in hand met ernstige criminaliteit en met milieuschade vanwege het chemisch proces van het bewerken (wassen) van cocaïne. Die milieuschade wordt onder meer veroorzaakt door het illegaal dumpen van de chemische afvalstoffen. De rechtbank wijst ook op de vele risico’s, voor zowel de aanwezigen in de cocaïnewasserij als voor de omwonenden. Het opslaan en bewerken van diverse chemicaliën in een cocaïnewasserij brengt risico’s met zich mee, zoals brandgevaar, ontploffingsgevaar en het vrijkomen van giftige dampen.
Ongeloofwaardige verklaring
De 58-jarige man aan dat hij niets wist van de cocaïnewasserij, de aanwezigheid van cocaïne en de activiteiten die zich in de schuur afspeelden. De rechtbank vindt dit ongeloofwaardig en niet aannemelijk. Uit het dossier komen sterke aanwijzingen naar voren die in zijn richting wijzen dat dit vraagt om een plausibele verklaring. Zo’n verklaring heeft de man niet gegeven. Hij was vanwege ziekte weken thuis, maar niet bleek dat hij bedlegerig was, terwijl er allerlei activiteiten op zijn terrein plaatsvonden. Ook kwam hij in die periode in zijn tuin voor de duiven, het verbranden van spullen en het onderhouden van de tuin en zag hij jerrycans liggen. Het is volgens de rechtbank ongeloofwaardig dat de man bij al die gelegenheden niets heeft opgemerkt. Bovendien is het op zijn minst opmerkelijk dat ook zijn vriendin en haar dochter(s) als bewoners niets hebben gezien, geroken of gehoord, terwijl een buurvrouw, de 62-jarige man en later ook politieagenten daar wel over verklaren.
Poeder
De man uit Bergharen gaf aan dat hij dacht dat het slechts om poeder ging en dat hij het niet gedaan had als hij wist dat het om cocaïne zou gaan. De rechtbank oordeelt dat hij echter had kunnen en moeten weten dat het bij poeder ging om cocaïne, in ieder geval om drugs. Toen het aanvankelijke plan - het opzetten van een wietkwekerij - niet doorging en hij werd benaderd voor poeder had de man kritisch moeten doorvragen. Uit niets blijkt dat hij dat heeft gedaan.
Zelfde straf als eerder veroordeelde medeverdachten
De rechtbank veroordeelde eerder al de drie buitenlandse mannen tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 32 maanden. Hoewel de mannen uit Bergharen en Nijmegen geen handelingen verrichtten die betrekking hadden op de daadwerkelijke productie van cocaïne, hebben zij volgens de rechtbank wel een wezenlijke bijdrage geleverd aan de totstandkoming van de cocaïnewasserij. Zij hadden een andere rol dan die van de koks, maar hun positie was wel vergelijkbaar, namelijk die van een uitvoerder, niet zijnde een leidinggevende. Daarom legt de rechtbank dezelfde onvoorwaardelijke gevangenisstraf op.
Maatregel kostenverhaalDe maatregel kostenverhaal maakt het mogelijk dat de kosten die ten laste van de staat komen in verband met de vernietiging van voorwerpen die ernstig gevaar opleveren voor de leefomgeving of voor de volksgezondheid, worden verhaald op degene die wordt veroordeeld ter zake van een strafbaar feit dat in verband staat met het voorwerp.
Volgens de rechtbank staat vast dat in de cocaïnewasserij gevaarlijke goederen aanwezig waren en dat er kosten zijn gemaakt om die wasserij te ontmantelen. De rechtbank vindt het redelijk dat de totale kosten in gelijke delen worden verdeeld over alle verdachten die betrokken zijn bij de productie van cocaïne op de locatie in Bergharen. Daarom moeten de mannen ieder ook een vijfde van het totaalbedrag, te weten 4.674,81 euro, aan de Staat betalen.

26.8 ℃





































